Het kan een belangrijke bijdrage leveren aan het energieprobleem en doelstellingen om minder CO2 uit te stoten: biogas. Gas dat wordt opgewekt door biomassa (zoals mest) te laten vergisten. Dat biogas kan dan vervolgens worden ‘opgewerkt’ tot dezelfde kwaliteit als aardgas en kan worden gebruikt als brandstof. Of er wordt elektriciteit mee opgewekt.
Hoe dan ook: het is duurzaam. Reden genoeg voor provincie en gemeenten om in Salland vol te gaan voor biogas. Er wordt zelfs gewerkt aan een ‘groen gas hub’, een netwerk waar dit biogas door stroomt. Een loffelijk streven, maar een biogasinstallatie ‘runnen’ is een hele kluif.
„ De internationale ‘setting’ is niet goed, er is geen gelijk speelveld”, begint Henk Nijman. Hij is eigenaar van Bieleveld Bio-energie, waar de biogasinstallatie aan de Weseperweg bij Heeten onderdeel van is. In Heeten wordt met het gas stroom opgewekt. „In bijvoorbeeld Duitsland en België mogen ze veel meer producten vergisten.
Veel biomassa uit Nederland rijdt langs onze vergisters naar installaties in Duitsland. Dat is verschrikkelijk. Eigenlijk mogen we alleen mest vergisten, en een paar coproducten. Een klein deel van alle beschikbare biomassa.” Het betoog van Nijman komt er op neer dat het funest is dat elk land zijn eigen regels kan bepalen, dus bijvoorbeeld wat in zo’n installatie mag worden gestopt. „Het is een oneerlijke concurrentiepositie, er is geen Europese afstemming.”
Verder zijn er de vergunningen. „Er zijn veel regels en controles, lange aanvraagtijden van vergunningen. Die zouden eenvoudiger moeten, maar wel in overleg met de buurt. Je moet het goed doen, maar kost het zoveel tijd en geld. In Heeten zijn we bijvoorbeeld al twee jaar bezig met een vergunning. En ik heb ’ m nog niet.”
Als deze problemen worden opge-lost, ziet Nijman wel toekomst voor biogas. „Maar er moet een evenwicht komen tussen de vraag naar en het aanbod van biomassa en dat moeten we op één of andere manier met elkaar regelen. Ook heel raar is dat de subsidieregeling elk jaar anders is. In Duitsland is die al twintig jaar hetzelfde.”
Jansen Wijhe: biogas is sprong in duister
Dure grondstoffen, vergunningen kosten veel tijd en de inkomsten op lange termijn zijn erg onzeker. „Eigenlijk hebben we alleen tegenwind gehad.” Ook Jansen Wijhe, onder andere loonwerker en grondverzetbedrijf, produceert biogas. Niet op het terrein aan de Lierderholthuisweg, maar deze biogasinstallatie staat in Kiel-Windeweer (Groningen). Met het gas wordt stroom opgewekt en dat verkoopt Jansen dan weer. „ Je neemt een enorm risico, het is een sprong in het duister”, zegt Han Jansen die met broer Jos het bedrijf leidt. „ Je draait hooguit quitte”, zegt hij over de rendabiliteit.
Eerste horde zijn de grondstoffen, dus wat in de installatie mag. „Daarin ben je beperkt door regelgeving.” Bijvoorbeeld doorgedraaide groenten en fruit, frituurvet of producten die over de datum zijn, zouden volgens Jansen prima kunnen. „Vergisting is bij uitstek geschikt voor restproducten waar je verder niets mee kunt.” Nu mogen maar enkele producten in de installatie, wat betekent dat die duur zijn. Immers: veel vraag en weinig aanbod zorgt voor een hogere grondstoffenprijs.
De overheid is volgens Jansen voorzichtig met wat in biogasinstallatie mag worden gestopt vanwege het digestaat. Dit blijft over nadat de bacterieën hun werk hebben gedaan. „Dat gaat terug op de akker, daar wordt voedsel op verbouwd en zo komt het terug in de voedselketen. Daarom wordt alles driedubbel geborgd. Dat is prima, maar het belemmert je wel. Misschien is het beter steeds de kwaliteit van het digestaat te testen.” Ook luistert het proces van vergisting nauw. Het zijn bacteriën die het werk doen, die maken gas uit mest en andere producten. „ Je moet altijd kijken: past het ‘menu’ – dus wat je er in stopt – bij de bacteriën? Nu zetten die 60 tot 70 procent om in gas.” Dat moet efficiënter, maar de techniek staat in de kinderschoenen. Installaties van het eerste uur kampen met oudere apparatuur, maar vernieuwen is lastig. Geen winst betekent geen euro’s om te investeren.
Het krijgen van vergunningen voor een biogasinstallatie noemt Jansen ook erg lastig. „ De overheid beschouwt het als een potentieel gevaar. In Groningen zitten wij gelukkig midden in de polder, we hebben daar geen buren. Maar dan kun je niks met de restwarmte.”
Jansen Wijhe stopte veel maïs in de vergister, maar dat wordt ook gebruikt als veevoer en voor menselijke consumptie. Dus is er veel vraag en is het een dure grondstof. Daarom gaat in de Groningse vergister nu veel natuurgras. „ Dat levert minder energie, maar is veel goedkoper.
Wel hebben we nu dubbele opslagcapaciteit nodig. Maar het krijgen van de vergunning daarvoor duurt erg lang.” Voor de stroom die Jansen opwekt, krijgt het bedrijf tien jaar lang (vijf jaar daarvan is verstreken) 9,7 cent subsidie per kilowattuur en vanuit ‘de markt’ 5,5 cent. Dus per kilowattuur groene stroom is de opbrengst 15,2 cent.
„ Daar liggen de kosten ook zo’n beetje op. Maar dan zijn er nog alle risico’s. Als niks mis gaat, kan het net. Over vijf jaar stopt de subsidie. Wat dan? Dat is tweederde van de prijs. Als er niks komt, kun je de stekker er uit trekken.” Grote aanpassingen om bijvoorbeeld het vergistingsproces te verbeteren, durft hij niet aan. Wie zegt dat hij na 2017 nog geld krijgt voor die groene stroom?
Jansens betoog voert richting de overheid. „Daar ben je van afhankelijk. Je kunt niet snel schakelen, weet niet waar je in de toekomst aan toe bent. Je mist iemand met visie en lef, die zijn nek durft uit te steken. Waar wil je heen en hoe doe je dat? Dat moet staan.” Jansen pleit voor een andere aanpak: als een ondernemer een goed idee heeft, vraag dan wat die nodig heeft. En faciliteer dat als overheid. Ook moet er volgens hem een oplossing komen voor het digestaat, dat biogasinstallaties dat makkelijker en goedkoper kwijt kunnen. Tevens moeten meer en goedkopere grondstoffen worden toegestaan en langdurige duidelijkheid over regelingen en subsidies. „Toen we begonnen, waren de verwachtingen veel gunstiger. Qua kennis en ervaring vind ik het positief en ook nodig in Nederland. Maar eigenlijk hebben we alleen maar tegenwind gehad.”
(bron: de Stentor | Matthijs Oppenhuizen)










19 februari 2012 om 16:58
ik heb het verhaal gelezen, en ben het er helemaal mee eens.ik ben chauffeur bij kamstra recycling(recyclingbv.nl)en ons brood wordt ook ontnomen door de nedelandse regels.